Afbeelding
Foto: Margreet Wesseling

Een boomboeket in het Bos van Wijckerslooth

Algemeen

In het blad van de Bomenstichting, ‘Bomennieuws’ zomer 2026, werd in het artikel ‘Stam-menstrijd over bundelbomen’ duidelijk gemaakt dat de meningen over dikke bomen nogal kunnen verschillen. De ene boomdeskundige ziet in een stam met lengtegroeven meerdere vergroeide bomen; de andere noemt de groeven een ouderdomsverschijnsel. Een bundelboom is eigenlijk een groot boomboeket. Voor een boeket worden meestal drie jonge boompjes in één plantgat gezet. De opvallende driedelige beuk in het Bos van Wijckerslooth langs de Rhijngeesterstraatweg is daar een mooi voorbeeld van.

Jan Wolkers noemde hem in ‘Terug naar Oegstgeest’(1965): ‘die prachtige goudgele door God geschapen beuk’ en vertelde dat hij er als kind graag in klom omdat de takken vlak bij de grond begonnen. Hij was niet de enige. De boom is inderdaad zeer uitnodigend. Wie om de oude beuk heenloopt, kan (naast twee dikke lange zijtakken) drie oorspronkelijke stammen tellen. 

De totale omvang was in 2014 478 centimeter, gemeten onder de woekering aan de zuidzijde die negentig centimeter boven de grond zit. Vorige week was de omtrek 493 centimeter, inclusief een nieuwe woe-kering aan de noordzijde. De grillige stam is niet nauwkeurig te meten. De bomenlijst van de gemeente uit 2004 vermeldt 550 centimeter. Die meting werd duidelijk hoger uitgevoerd, dan meet je ook lucht.

Engelse landschapstuin

Er wordt nog wel eens verteld dat het bos is aangelegd volgens een ontwerp van de bekende tuinarchitect J.D. Zocher sr. maar dat klopt niet helemaal. Een vroege bewoner van de hof-stede Duinzigt, hortusdirecteur professor Adriaan van Royen, genoot van zijn ‘akkertje buiten de stad’. Er waren eenden en ganzen, schapen en runderen. Hij kweekte zijn eigen groente en verzamelde exotische, maar ook inlandse bomen.

Zijn kleindochter Cypriana van Lelyveld-van Royen wilde echter een tuin volgens de nieuwste mode. Als nieuwe eigenaar liet zij rond 1809 Zocher een ontwerp maken met ‘slingervijvers’ en bochtige lanen. De slingervijver is nog steeds goed herkenbaar, maar het oorspronkelijke ontwerp werd slechts ten dele uitge-voerd.

Weiland

In 1834 kocht bisschop Van Wijkerslooth de buitenplaats met ‘naar de laatste smaak aangele-gene Wandelingen in Bosschen’, grote vijvers en lanen met iepen, beuken en eiken, maar ook een groot weiland: het zuidelijke deel van het huidige bos.

De bisschop was een bomenliefhebber. Na zijn overlijden in 1851 werd een openstaande re-kening van een boomkweker gevonden, dus hij was nog bezig met planten. Het ligt voor de hand dat hij op dat weiland de bochtige eikenlanen heeft laten aanleggen waar wij nu in kun-nen wandelen. Langs de oostelijke grens kwam een beukenlaan en aan de westzijde was ruimte voor een boomboeket en nog meer beuken die nu tussen de 180 en 195 jaar oud zijn.

Kathedraalbos

Dit type bos van hoog opgaande bomen die een bijna gesloten bladerdak vormen waar het zonlicht als door mozaïek-ramen naar binnen valt, wordt wel kathedraalbos genoemd. Een hortusdirecteur kweekte daar eerder roomse kervel en de door God geschapen beuk werd waarschijnlijk door een bisschop geplant. Een bos om zuinig op te zijn.

Door Margreet Wesseling

Uit de krant

Uit de krant