
Veiligheidsregio luidt noodklok over bezuinigingen
Algemeen‘Een paraatheidsorganisatie als de veiligheidsregio kan niet zonder een constante en vooral betrouwbare geldstroom. Het is de verzekeringspremie die wordt betaald voor het onwaarschijnlijke. Scenario’s die lang ondenkbaar waren, nu zijn een realistische dreiging.’ Dat staat in het voorwoord van een brief over bezuinigingen bij de Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM).
Door Marc Wonnink
De veiligheidsregio staat voor een nieuwe geplande bezuinigingsronde van zes procent, wat neerkomt op 4 miljoen euro op een begroting van 78 miljoen euro. Volgens de VRHM zijn verdere besparingen niet mogelijk zonder dat de veiligheid in de regio ernstig in gevaar komt. De organisatie waarschuwt voor langere aanrijtijden van hulpdiensten, minder materieel en een afname van de brandweerzorg en crisisbeheersing.
2026 wordt een lastig jaar voor gemeenten door een andere verdeling van het gemeentefonds van het Rijk. Daarom is aan gemeenten geadviseerd zes procent te bezuinigingen op zogenoemde gemeenschappelijke regelingen. Dat zijn bijvoorbeeld de omgevingsdienst, de GGD, Holland Rijnland en de Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland, maar dus ook de veiligheidsregio.
Minimaal niveau
In 2018 werd al een grote bezuiniging doorgevoerd bij de veiligheidsregio, waarbij 10,6 miljoen euro structureel uit de begroting werd gehaald. Dat leidde destijds tot het sluiten van de brandweerkazernes in Oegstgeest en Leiderdorp, een vermindering van materieel en een reorganisatie binnen de organisatie.
Sindsdien opereert de veiligheidsregio op een minimaal niveau. ‘Deze bezuinigingsronde heeft toentertijd geleid tot een stilstand van de organisatie en veel onvrede onder medewerkers. Gezien de ontwikkelingen in de wereld en de opgaven voor de veiligheidsregio doet een dergelijke situatie ernstig afbreuk aan het streven naar een veilige en weerbare samenleving.’
De veiligheidsregio heeft desondanks een berekening gemaakt van de mogelijkheden om zes proces te bezuinigingen. Conclusie: Volgens de VRHM zijn er geen efficiënte manieren meer om te bezuinigen zonder dat dit direct gevolgen heeft voor de veiligheid van inwoners.
Langere aanrijtijden
De organisatie heeft in een analyse laten zien dat verdere besparingen onvermijdelijk zullen leiden tot langere aanrijtijden voor hulpdiensten, doordat kazernes mogelijk moeten sluiten of minder bemand zullen zijn. Verminderde slagkracht bij incidenten, doordat minder brandweervoertuigen beschikbaar zullen zijn. Beperkte crisisbeheersing en rampenbestrijding, omdat minder personeel inzetbaar zal zijn voor grootschalige calamiteiten. Grotere afhankelijkheid van omliggende regio’s, terwijl andere veiligheidsregio’s met vergelijkbare financiële tekorten kampen.
Om zes procent te bezuinigen zou de brandweer bijvoorbeeld negen kleine kazernes kunnen sluiten. Of zes kazernes sluiten en stoppen met vrijwilligers als aanvulling op de drie beroepskazernes.
Kritische grens bereikt
De VRHM stelt dat deze taaksaneringen nauwelijks omkeerbaar zijn. Eenmaal gesloten kazernes en wegbezuinigde specialismen zijn moeilijk opnieuw op te bouwen. Dit maakt de regio kwetsbaarder voor grootschalige incidenten zoals natuurbranden, overstromingen en industriële ongevallen.
Kwetsbaarder
Daarnaast kan een tekort aan middelen ertoe leiden dat preventieve taken, zoals brandveiligheidscontroles en risicoanalyses, minder worden uitgevoerd. Dit vergroot de kans op calamiteiten en verhoogt de druk op de hulpdiensten.
Overleg met gemeenten
In 2025 wordt de definitieve besluitvorming over de financiering van de veiligheidsregio verwacht, waarna de maatregelen vanaf 2026 stapsgewijs worden doorgevoerd. De VRHM benadrukt dat de financiële taakstelling op gespannen voet staat met de wettelijke verantwoordelijkheden van de veiligheidsregio. De veiligheidsregio blijft in gesprek met de achttien gemeenten die de VRHM financieren. De VRHM waarschuwt echter dat zonder extra financiële steun de basisveiligheid in de regio niet langer gegarandeerd kan worden.















